zondag 31 maart 2019

Historische foto’s van de Vlaamse visserij (XXI)

Elke maand graai ik in het fotoarchief van Het Visserijblad en haal er tien willekeurige foto’s uit.


1. De O.316 Belgian Skipper van de Zeevisserij- en Handelsmaatschappij NV Zeehandel uit Oostende werd in 1952 gebouwd op de werf Beliard-Crighton in Oostende. Het Visserijblad van 16 april 1954 vermeldt dat het vaartuig door het IJslandse visserijwachtschip Thor beschoten werd. De O.316 werd door de IJslanders betrapt terwijl het in verboden visgronden aan ’t vissen was. De Thor nam uiteindelijk het commando van de O.316 over.

2. De Z.484 Antoinette is eerst eigendom van Emiel Savels. In 1953 wordt schipper Albert Huyghe er de reder van.

3. Vrouwelijke garnaalvisser uit Oostende. (Foto Algemeen Rijksarchief)

4. De O.148 Snipe van reder Jacques Bogaert, op de Slipway in Oostende. Het vaartuig werd in 1958 gebouwd. (Foto gw†)

5. 9 april 2001. De Z.483 Jasmine van de familie Vlietinck wordt op de Zeebrugse scheepswerf De Graeve te water gelaten. (Foto gw†)

6. De in 1957 gebouwde O.225 Norman Kim werd in 2004 al meer dan 20 jaar uitgereed door de Bredense schipper Florent Daems. Het vaartuig bleef vele jaren het oudste actieve vissersvaartuig van de vloot. (Foto gw †)

7. In 2004 bracht het prinsenpaar — inmiddels koningspaar — Filip & Mathilde, een bezoek aan het woonzorgcentrum Godtschalck op de grens van Bredene en Oostende. Visser op rust Fernand Puystjens overhandigde het paar een handgemaakt schaalmodel van de O.1 Fabiola, het garnaalbootje dat de Oostendse burgemeester Piers op 3 april 1961 namens de stad als huwelijksgeschenk aanbood aan het koningspaar Boudewijn & Fabiola. (Foto gw†)

8. Ongetwijfeld een visser.

9. De bemanning van de B.518 Drakkar, in juli 98, tijdens de doopplechtigheid van het schip. Bernard Dierckens, Yves Demey, Piet Ryheul, Lorenzo Meyers, Luc Lambert, Franky Moens en Eddy Vandenbussche. (Foto gw†)

10. De Z.542 Angelus werd gebouwd op de Oostendse scheepswerf van Jules Deneye. Het schip werd in 1949 in de vaart gebracht door Theofiel De Groote uit Heist. In 1981 werd het uit de vaart genomen. Het kwam in handen van Oswald Slosse, een doe-het-zelver die het in het Gentse Handelsdok zou restaureren. Daar zonk het in 1997 na een aanvaring . In 2004 werd het wrak gelicht.

zaterdag 2 maart 2019

Historische foto’s van de Vlaamse visserij (XX)

Elke maand graai ik in het fotoarchief van Het Visserijblad en haal er tien willekeurige foto’s uit.

1. 1947. De Noordzee bevroren. Foto genomen vanaf de duinen in Bredene. 
2. In december 2003 brengt de crew van de O.533 Virtus 150 kisten haring naar de Oostendse vismijn. Da’s een probleem, want haring heet een ‘bijvangst’ te zijn en het quotum voor een dagvisser bedraagt 50 kg. De rest moest weer in zee gesmeten worden. Op de foto zien we wijlen schipper Fernand Verleene en zijn bemanningsleden Raymond Lambrecht, Eddy Boussemaere en Jeffry Lambrecht met de kisten in de weer. (Foto gw)
3. De foto op de frontpagina van Het Visserijblad toont ons op 8 januari 1954 de vier bemanningsleden die kort ervoor de dood vonden bij het vergaan van de 0.137 Ste Thérèse de Jésus: Emiel Houcke, Robert Haelewyck, Carolus en Oscar Vanslembrouck. (Foto Michaël)
4. Strandtafereel uit 1927.
5. In januari 2004 kreeg Robert Coelus de prijs van de Cultuurraad toegekend. Hij kreeg het beeldje uit handen van Jaf Klausing, de vorige laureaat. Coelus en Klausing waren beiden medewerkers van Het Visserijblad. Coelus kreeg de prijs als bezieler van de Vriendenkring van het Noordzeeaquarium, propagandis van de maritieme cultuur, en als ere-schoolhoofd van Ibis. (foto gw)
6. Deze foto verscheen oorspronkelijk in Le Patriote Illustré, de datum is onzeker, maar wel rond 1900. Het onderschrift vermeld alleen L’école de pêche d’Ostende. Wellicht betreft het de Vakschool voor Visschers, gesticht in 1887 door de befaamde paster Pype. De praktijklessen werden gegeven in een gebouw aan de Wellington- en Velodroomstraat, waar ook een ruime binnenkoer was. 
7. In de nacht van 16 februari 1980 verloren vijf vissers het leven toen de Z.592 Hosanna verdween tijdens de traverse van Plymouth naar Schveningen: Germain Ackx (45), diens zoon Piet (16), Hector Snauwaert (33) en de Scheveningers Pieter Gruyt (33) en Pieter-Albertus Gruyt (14).
8. Op de foto zien we de Z.542 tijdens de zeewijding op 15 augustus 1961, het dek staat vol passagiers. De eikenhouten Z.542 Angulus liep in oktober 1949 van stapel en werd oorspronkelijk gevoerd door schipper-eigenaar Theofiel Degroote. Later liet hij die taak over aan Albert Goutsmit en Marcel Lycke. In 1962 laat Degroote het schip over aan Grans Devoogt en in 1979 wordt het de eigendom van de rederij Angulus. Het schip kwam uiteindelijk in handen van een scheepsfanaat die het in het Gents handelsdok wilde restaureren. Nadat het aangevaren werd zonk het naar de bodem. Nadien probeerde ook het collectief Loods 13, rond de Gentse volkszanger Walter De Buck, nog om het casco weer waterdicht te krijgen.
9. Jan en Pier Demeester waren in Heist bekend als ‘de zeilmakers’. Hun vader was uit Nieuwpoort naar de oostkust afgezakt, waar hij een zeilmakerij oprichtte. Toen de tijden veranderden  gingen ze olie en diesel verkopen. , ook richtten ze in 1933 een rederij op. Op de foto bekijken de broers (rechts) een vat dat door een granaatinslag beschadigd werd. 
10. In 1977 namen Maurice Lambrecht en Alain Kiekens vissersvaartuig N.720 over van André Vercoutter. Daardoor bleef het schip in Nieuwpoortse handen. Ze vernummerden het wel tot N.88 Nova Cura. In de overgang van 2003 naar 2004 werd het schip gerenoveerd en in januari 2004 voer het weer uit. Op de foto zien we de bemanning: Alain Kiekens, diens broer Rudy en Ronny Lycke.

woensdag 6 februari 2019

Historische foto’s van de Vlaamse visserij (XIX)

Elke maand graai ik in het fotoarchief van Het Visserijblad en haal er tien willekeurige foto’s uit. Deze keer zijn het er zelfs elf geworden.


1. Visserswoning in De Panne, omstreeks 1900.

2. De eerste bemanning van de Z.59 Gudrun. Erik De Waegenaere, Freddy Lagast, Georges Delanghe, Werner De Waegenaere, Yvan Vanelverdinghe en Johan Vandenberghe.

3. Tijdens de Oostendse visserijfeesten van augustus 2003 werd een replica van een historische Oostendse tweemastsloep te water gelaten. De publieke belangstelling was enorm. Het schip werd op de oude scheepswerf van Seghers gemaakt door de Maritieme Site Oostende, een project om langdurig werklozen weer in het arbeidscircuit te betrekken. (foto gw)

4. In augustus 2003 verspreidde zich het gerucht dat de Limburgse politicus Jaak Gabriëls door de directie van de Zeebrugse Visveling naar voor geschoven werd als toekomstig voorzitter van de Redercentrale. Omdat deze politicus niets van de sector afwist publiceerde Het Visserijblad een spotprent waarin Gabriëls naast zijn vermeende echtgenote te zien is, terwijl hij op de kaai een visje aan de man brengt, zogezegd om zich een beetje in de materie in te werken. Uiteindelijk werd Gabriëls wel degelijk voorzitter van de Rederscentrale.

5. — 1910. Vissers en vissersvrouwen poseren voor een pakhuis in de ‘cirque’, de oude Oostendse vismijn die in de stad naast het zeestation lag.

6. De eerste bemanning van de Z.79 Thorn, in 1986. Frans Vandierendonck, Eric Dezutter, Jan Vandierendonck en Willy Vanbeveren.

7. De inmiddels gepensioneerde conservator Willem Lanszweert van het visserijmuseum dat later Navigo zal gaan heten. Hier staat hij bij het scheepsmodel van een Oostendse tweemastsloep. Op dat ogenblik telde het museum al meer dan zestig modellen van vissersvaartuigen. (Foto gw)

8. Tijdens WO I wijken veel Vlaamse vissersgezinnen van de oostkust uit naar Zierikzee in het neutraal gebleven Nederland. De kinderen lopen er school. Op de foto staan de Vlaamse kinderen verenigd, samen met hun leraressen.

9. Heistse scute, zoals die in de visserij gebruikt werd ten tijde van de Eerste Wereldoorlog.

10. — 1916. Noodwoningen voor de Belgische oorlogsvluchtelingen in Zierikzee.

11. In 1922 laat de Heistse familie Vantorre (Klodde) op de scheepswerf van Haerincks een nieuw vissersvaartuig bouwen. De H.47 heeft een kleine Industriemotor van 35 Hp.

zaterdag 5 januari 2019

Historische foto’s van de Vlaamse visserij (XVIII)

Normaliter tast ik maandelijks in het fotoarchief van Het Visserijblad om er willekeurig tien foto’s uit op te delven. Deze keer doe ik het anders. Al een tijd circuleren onderstaande beelden via de elektronische post van her naar der. Ook ik kreeg die (al twee keer zelfs) in mijn bus. Helaas worden de beelden niet geduid. Waar het kon heb ik er zelf iets onder geplaatst. Maar meestal stel ik u de vraag. Wat is het dat we op die foto’s te zien krijgen?


1. De scheepswerf Béliard-Crighton te Oostende. Opgericht in 1877, stopgezet in 1994. Naamsveranderingen: Béliard Murdoch, Mercantile-Beliard, Béliard Polyship. (Gegevens uit Inventaris Onroerend Erfgoed) 
[Zie ook reacties van Mario Vercoutter onderaan.]
[Aanvulling Mathieu De Vestele — Het had inderdaad de 0.85 en de 0.90 (1960) kunnen zijn maar ik twijfel er sterk aan, daar de 0.85 en 0.90 geen reddingsboot op het achterdek hadden. Die op de foto wel. Toen was de opkomst van de opblaasbare vlotten al van toepassing, wat veel beter was en is dan een reddingsboot van dit type.
De Fransen hebben dit nog lang nadien verplicht gehouden. Die 2 schepen zijn zeker van de periode van de Paola en Christine. Er zijn een ganse reeks van dit type schepen (rompafmetingen) gebouwd geweest voor Frankrijk.
Wat opmerkelijk is: achter die twee schepen ligt een vlotdok. Ik herinner me dit heel goed. Beliard had toen een bestelling om een vlotdok te bouwen voor Congo, toen nog Kolonie. Dit dok was volgens mij in 1960 klaar en werd naar Congo gesleept. Het dok werd gebouwd in de achterhaven en daar gemonteerd. Nadien zijn de secties losgemaakt (alles was demontabel ) en via de Konterdambrug en 't Sas Demey naar buiten gebracht waar alles opnieuw aan mekaar gemonteerd werd. Kon er anders niet door !]
[Toen ik  in het begin jaren 60 ter koopvaardij voer heb ik dit dok dikwijls gezien, het lag in Boma op de Congostroom, halfweg Banana ( monding ) en Matadi. De schepen van Pemarco konden daar ook droog-dokken. Er was toen volop werk bij Beliard en de Fransen hebben er veel prachtige schepen besteld, voor Boulogne en ook Bretagne. Ook meerdere hektreilers.]

 [[Ook Jozef Hermans, lid van het Belgian Ships Archive in Antwerpen, ziet op de foto het drijvend droogdok klaarliggen voor ONATRA, dat naar (Belgisch) Congo zal gesleept worden, volgens hem gebeurde dit in 1958.]]

2. Béliard-Crighton (officieel gekend als de Ateliers de Réparations et Chantiers Beliard, Crighton & Cie.) was de grootste naoorlogse werf van Oostende. Het bedrijf was de Oostendse afdeling van het in 1877 in Antwerpen gestichte bedrijf met dezelfde naam. Het bedrijf had een primeur voor Oostende toen in april 1929 aan het Zwaaidok het droogdok van de werf werd geopend. Het terrein van de werf was in 1973 niet minder dan 4,5 hectare groot. Tussen 1945 en 1983 werden op deze werf 132 schepen gebouwd, allemaal in staal behalve enkele houten mijnenvegers voor de Zeemacht. Naast de mijnenvegers werden verscheidene schepen voor de overheid gebouwd, zoals een boeienlegger en de drie Westhinder lichtschepen. Het grootste deel van de productie waren echter stalen treilers. (Gegevens uit Inventaris Onroerend Erfgoed)

[Zie ook van Mario Vercoutter reacties onderaan.]

3. De tewerkstelling bij Béliard-Crighton weerspiegelt de achteruitgang van de scheepsbouw aan de kust. In 1947 waren er 700 mensen tewerkgesteld. In 1960 was dit aantal teruggelopen tot minder dan 300 en in 1994 bleven er nog maar 150 over. De naam van de werf wijzigde verscheidene keren, in 1961 tot Béliard Murdoch en in 1983 tot Mercantile-Beliard. Tussen 1983 en 1990 werden er op de werf tien met glasvezel versterkte polyester mijnenjagers gebouwd. In 1994 ging het bedrijf, inmiddels omgevormd tot Béliard Polyship, failliet bij gebrek aan nieuwe bestellingen. (Gegevens uit Inventaris Onroerend Erfgoed)
[Zie ook reacties van Mario Vercoutter onderaan.]

 [Aanvulling Mathieu De Vestele — Dit is inderdaad de Narwal. Een prachtig en uitstekend schip, het was enkele jaren voor op haar tijd. Heel spijtig is dit niet goed afgelopen is. Het schip eind jaren 60 vertrokken naar Argentinië. IdP heeft het na het jarenlang stilliggen mogen opknappen in opdracht van de Argentijnen. Een heel verhaal. gedurende de Falklandoorlogen is het schip gedeeltelijk (?) gezonken in ondiep water en later weer in de vaart gebracht. Ik weet niet of het goed gevist heeft onder de Argentijnse vlag. Er was daar wel heel veel vis voor de kust.]


4. Panorama van de haven van Oostende. [Aanvulling Mathieu De Vestele — Spuikom monding. Vooraleer het visserijdok gegraven werd, na 14-18, was ter hoogte van IdP aan de Sipwaykaai en omgeving ook een spuikom met uitmonding die je op de foto goed ziet. Die uitmonding bestaat nog deels, maar is bedolven onder het zand. De boord van de zeekant was afgewerkt met blauw arduinsteen. Nog een groot deel van het metselwerk zit nu onder het zand bedolven. De bedoeling van die spuikom was de vaargeul op diepte te houden. Het heeft lang gewerkt.

Eind jaren 20 tot begin jaren dertig heeft men het dok gegraven en de vismijn gebouwd. Ik denk dat het dok opengegaan is in 1932.]

5. Groepsportret van Oostendse vissers, aan boord van het vaartuig. Wie kan ons namen meedelen, eventueel ook van het schip?

6. Oostendse vissers tonen trots hun vangst. Kan iemand deze mannen thuiswijzen?

7. Jongens aan boord van een vissersvaartuig. Ibis? Jongens van een Oostendse visserijschool?



8. Panoramisch zicht op het Oostendse visserijdok en de inmiddels afgebroken vismijn. De foto is wellicht geschoten van de vuurtoren. [Aanvulling Mathieu De Vestele — Op die foto zie je de vismijn van toen. Interessant en opvallend: onderaan de foto rechts zie je een klein deel van de toegang tot het sas. Redelijk dicht bij het gebouw. Er was toen daar een sas gebouwd, maar omwille van verzakkingen heeft men het moeten afkeuren en een volledig nieuw sas ernaast bouwen. Als je wandelt ter hoogte van het kantinegebouw merk je een schuine helling naar de buitenkant toe. Die wordt nu wel gebruikt om kleine bootjes te water te laten. Wel, dit was de toegang tot het eerste sas. Je kunt nog goed de cassementen herkennen van de sasdeuren in de sasmuren. Het huidige sas moet dus gebouwd zijn tussen 1932 en 1935.]


9. Scheepswerven in de stad Oostende. Is dit de plaats aan het Derde Dok, waar nu het stadhuis staat? [Aanvulling Matthieu De Vestele — Over de oude werven in het derde dok weet ik heel weinig. De scheepswerven die daar gelegen waren hebben elk een nieuwe standplaats gekregen op het einde van het huidige visserij dok. Waar IdP nu gevestigd is. Je had er Scheepswerfven: Denye - Deweerdt- Loye - Hillebrandt - Panesi. Ik denk dat ik een naam vergeten ben, want er waren 6 loten en die waren allemaal in gebruik. Ik denk dat die daar gekomen zijn kort voor WO II.]

Meer info, met naamsvermelding, over deze scheepswerven staat onder foto nr 10.



10. Wie weet iets meer te vertellen over deze Oostendse scheepswerven?
[Van Dirk Reunbrouck kreeg ik verschillende documenten die de oude Oostendse visserijscheepswerven belichten. Een ervan heet Het derde dok en de oude scheepswerven te Oostende. Het werd geschreven door Louis Pincket. Daarin staat: ‘Komende van het tweede dok, was de werf Loy met een slede, de werf Hillebrant met een slede, de werf Denye met twee sleden, de werf Panesi met twee sleden. De werven lagen in de Werfkaai (straat). Om de hoek, in de Stockholmstraat, was de werf van Deweert. Naast de werf van Deweert waren twee kolenopslagplaatsen: één van Coppe, de andere van Legaey. Dan was er de "cementboeije van Devreese, de `cement-boer'. Verder in de straat, recht vóór de Amsterdamstraat, was de werf van Borrey met een slede. Op de hoek van de Stockholmstraat en de Vindictivelaan stond het cirkelvormig gebouw van het museum: het Panorama.’]

[Nog bijkomende info over deze scheepswerven onder foto 11.]


11. Oostendse visserijscheepswerf. Wie weet er meer over? Kan iemand de gebouwen in de omgeving duiden? [Zie ook reacties van Mario Vercoutter onderaan.]

Van Doris Klausing kreeg ik een tip. Kijk eens op youtube naar ‘Bie de Bolken’ — https://www.youtube.com/watch?v=IzFSUMpZ2YQ —, zei ze. Daar staan veel beelden die de situatie van deze scheepswerven verduidelijken.


12. Op een scheepswerf in Oostende wordt een schip te water gelaten. Weet iemand meer over deze werf ? [Zie ook reacties van Mario Vercoutter onderaan.]