zondag 1 oktober 2017

Historische beelden van de Oostendse vissersgemeenschap (II)

Maandelijks duiken we in het fotoarchief van Het Visserijblad. We kiezen er lukraak tien foto's uit. Deze keer betreft het herinneringen aan personen uit de Oostendse visserswijl OPEX en beelden die genomen werden op de opleidingsschepen van IBIS.


— De O.66 Roi Leopold. (Datum onbekend, uit de fotocollectie van Roger Rys.) —   
— De proefreis van de Ibis V in 1908. De IBIS V - O.75 (1908-1923) - was met zijn 39 meter de grootste varende eenheid van de IBIS-vloot. In 1923 verkocht in Spanje. —
— Soms moeten we het met weinig gegevens doen. Wie zijn deze Oostendse vissers? We kennen alleen degene in ’t midden rechtopstaand: Frans Vanderwal. (Datum onbekend, uit de fotocollectie van Roger Rys.) —   
— De jongens van Ibis leren ter hoogte van Sas-Slykens manoeuvreren op het kanaal Bugge-Oostende. —   

— Een groep vrouwen uit de Oostendse visserswijk Opex geniet van een ontspannen moment. Ook hier moeten we het doen met schaarse gegevens. Op de bovenste rij: Gilberte Smisaert, de moeder van ene Lucrèce (achternaam?), ?, de moeder van Nicole en Laurette Borey, ?, Bertha Hoste. Liggend: Maria Depré, de moeder van Redgy Vanbillemont. (Datum onbekend, uit de fotocollectie van Roger Rys.) —

— De Ibis III in volle zee. Aan boord bevindt zich prins Albert, de latere koning Albert I (op de foto is dat de man in burgerpak). De Ibis III – O.73 (1907-1919) werd tijdens WO I omgebouwd tot vastliggend schip in Milford Haven. Daarna werd hij gesloopt. — 
— Op het dek van de O.163 Christ Mahlman. We kennen slechts twee namen: 2de van links is André Rys, de man in ’t midden is Frans Vanderwal. (Datum onbekend, uit de fotocollectie van Roger Rys.)  —   
— Cafe Preston, in de OPEX, op de hoek v/d Vingerlingstraat en de Voorhavenlaan. Veel later zou daar het restaurant ’t Schuurke komen. Gilberte Smisaert met zoon Roger Rys. Er is nog geen bestrating en er zijn nog geen voetpaden. (Datum onbekend, uit de fotocollectie van Roger Rys.)  —   
— Ibisjongens turnen aan boord van het stilliggend schoolschip Ibis. —   
— Roger Rys, samen met de oudste dochter van Achille, voornaam van een man die vroeger onder die naam een garage had langs de Schietbaanstraat op de OPEX. Het café  (opschrift Bieren Chevalier Marin) op de achtergrond stond op de hoek van de Schietbaanstraat en de Noordedestraat. —   

donderdag 14 september 2017

Extra nummer van Het Visserijblad


in 2013 hield Het Visserijblad ermee op maandelijks te verschijnen. Sindsdien is er deze blog die een merkwaardige naam draagt: Het VOORLAATSTE! Visserijblad. Achterliggend is de gedachte dat er ooit iemand zal opstaan die de draad weer opneemt.
Er zijn er nog die deze gedachte koesteren. Een aantal ervan bevolkt de gelederen van de actiegroep Climaxi. Elk jaar produceren deze klimaatactivsiten één speciaal nummer van Het Visserijblad. Ook dit jaar hebben ze dat gedaan. Wie het blad vroeger gelezen heeft zal zien dat Filip De Bodt en de zijnen er nog steeds in slagen ook de medewerkers van weleer te engageren. Wie een exemplaar van dit nummer wil ontvangen stuurt een mail naar filip@climaxi.org.
Climaxi doet nog meer. Voor de derde keer produceert de vereniging een documentaire over de visserij. Deze keer wordt de situatie van vissers en boeren met elkaar vergeleken. U kunt die film bekijken, want Climaxi trekt ermee het land rond (plaatsen en data vraag je aan filip@climaxi.org).  U kunt de dvd ook aankopen door 12 euro over te maken op de rekening van Climaxi, BE40 0016 3236 1163, met vermelding: Fish & Farm. Doen!

Flor Vandekerckhove

dinsdag 5 september 2017

Historische beelden van de Vlaamse visserij (III)

Maandelijks werpen we een blik op het fotoarchief van Het Visserijblad. Daaruit plukken we lukraak tien beelden. Alle hieronder getoonde foto’s verschenen eerder in Het Visserijblad.

Van rechts naar links. Z.588 Vita Nova, gebouwd in 1967 voor de rederij Pax; In het midden de Z.538 Juliana van Raymond De Groote, gebouwd in 1954. Links de Z.472 Jan Bart II, eigendom van Achiel Desmidt, gebouwd in 1955.    
De Zeebrugse vismijn in 1909.    
Op zondag 5 augustus 1956 werd de Z.452 Rembrandt op de scheepswerf van Jules Haerinck & Zonen in Zeebrugge gedoopt. Het houten vaartuig maakte zijn eerste reis met de Heistse reder Romain Falleyn als schipper, motorist Isidoor De Groote en de matrozen Achiel Dechmidt, Aimé Moens en Albert De Grootte.    


Visafslag in de Veurnestraat in De Panne, omstreeks 1895. (Foto uit Freddy L. Rigaux, ‘Bijdrage tot de studie van de visserstaal te De Panne’.    
Fernand Sandelé, aka Sweety, op weg naar IJsland, misschien wel in de lente van 1959, toen hij voor het eerst op IJsland voer, aan boord van het stoomschip O.298 Van Dyck van NV Motorvisserij. Hij heeft de IJslandvisserij beoefend tot in 1963, op verschillende schepen van de NV Motorvisserij en de NV Pêcheries à Vapeur. Zijn visserscarrière sluit hij af op kleinere vaartuigen.    
De havendam van Zeebrugge, de mole, 2.800 meter lang werd gebouwd in de periode 1897-1907. 
Gustje Verburgh zorgde voor ophef toen koning Boudewijn en koningin Fabiola op 3 april 1961 in het Oostendse stadhuis ontvangen werden. Op de receptie waren alle kustvissers uitgenodigd, want het koningspaar had als huwelijkscadeau van de stad het vaartuigje O.1 Fabiola gekregen. Onaangekondigd begon Gustje het 'nationaal volkslied van Oostende' te zingen, Op de vissemarkt zien ik geboren. Het werd massaal meegezongen door de Oostendenaars; het koningspaar keek ernaar en zag dat het goed was.    

Richard Verburgh liet in 1942 de O.46 ’t Zal wel gaan bouwen. De Vlaamse auteur Felix Timmermans stak er zijn geld in. De Laatste Vuurtorenwachter heeft hier over dat gebeuren een stukje gepost. Op de foto staat Richard Verburgh, met Anna Degroote, waarmee hij na het overlijden van zijn eerste echtgenote getrouwd was.
Visafslag op het strand te De Panne, 1919.    
Brusselaar Armand Van Coppenolle maakte in 1954 twee reizen mee aan boord van het vissersvaartuig O.81 John om een documentaire te maken over de IJslandvaart. De film ‘Noord-Noord-West' kreeg in 1956 de hoofdprijs toegekend op het Festival van de Belgische film te Antwerpen.    


woensdag 2 augustus 2017

Historische beelden van de Vlaamse visserij (II)

Maandelijks werpen we een blik in het fotoarchief van Het Visserijblad. Daaruit plukken we telkens lukraak tien foto's. Alle foto's verschenen eerder in Het Visserijblad.

Zeebrugge 1918. De pier van Zeebrugge werd door de terugtrekkende Duitse troepen in brand gestoken. Op de achtergrond, het blokschip Thetis dat door de Engelsen in de havenmond tot zinken gebracht werd, in een maar half gelukte poging om de uitvaart van Duitse onderzeeboten te beletten. 
Doopplechtigheid van de Z.533 Virtus in 1965. Van links naar rechts: scheepsbouwer Roger Degraeve, Jozef Klakke Vantorre, Pol Paye, Ferdinand De Voogt, Jozef en Guido Rappé en Leon De Graeve.    
 Vlaamse visserskinderen volgen les in het zevende en achtste leerjaar van de Belgische school van Brixham (1941). 1. Mevrouw Arras lerares; 2. Edmond Bacquart; 3. Raymond Gheselle; 4. Raymond Vandierendock; 5; Victor Vantorre; 6. Henri Vandewoude; 7. Frans Bryse; 8. François Timmerman; 9. Raymond Defer; 10. Jozef Rappé; 11.Gustaaf Desmidt; 12. Henri Devriendt; 13. Charles Goderis; 14. Jean Debruycker; 15. Filip Vermeersch; 16. André Vanwaes; 17.Louis Houcke; 18. Jean Geselle ?; 19. ? Tahon; 20. ? Legein; 21. Gaby Borrey; 22. Germaine Sluyters; 23. Jan Roos; 24. Jenny Deprez; 25. Julienne Duyck; 26. Hélène Vandewalle; 27. Germaine Dasseville.
Met de H.69 (rechts) vlucht de Heistse vissersfamilie voor het oorlogsgeweld van WOII naar Engeland. Op de foto zien we ook de Z.32 van Eugene Verpoorter en de Z.34 van Pol (Mussche) Vantorre.    
Viskopers in de Vismijn van Oostende. (Foto André, meer gegevens ontbreken.)    
Op 21 (?) februari 1956 strandden aan de oostkust, ten gevolge van de mist, vier vaartuigen. Een geraakte weer los, de andere drie bleven vastzitten op de aldaar in aanbouw zijnde strandhoofden. Links de Z.525 van Paulus Vantorre, midden de Z.404 van Leon Savels, rechts de Z.501 van Theodoor Neyts. 
 In februari 1946 slaagt de bemanning van de Z.50 een groep drenkelingen te redden. Op de foto van l. nr r.: Theo Everaert, Robert Everaert, Petrus Everaert, Pros Everaert, Thuur Geselle, Joseph Popelier en een ons onbekende scheepsjongen. 

In april 1906 vergaat het stalen driemast-opleidingzeilschip Comte de Smet de Naeyer nabij het eiland Weight. Het schip was bevracht met een lading goederen met bestemming Kaapstad. (Foto uit de verzameling van Marcel Vanalderweireldt.) Meer over de scheepsramp vind je hier.

De foto dateert van ca 1905 (oorspronkelijk stond hier 1930, zie 'reactie' onderaan deze reeks). We zien leerlingen van de vrije visserijschool uit de Pannenstraat (nu museum Sincfala) van Heist. Vooraan van l. nr r.: Leon Valcke, René Valcke, Pol Edelynck, Louis Cattoor, Pieter Vlietinck, Frans Cattoor, Jacobus Brouckaert, Augustin Vlietinck, Arthur Vandierendonck en Richard Ackx. Op het schip o.a. Achiel Vantorre, Leopold Vantorre, Frans Ackx, Frans Vandierendonck, Leon Cattoor, Constant Dewaele, Leopold Helsmoortel en Joseph Vantorre. Naast de mast: Frans Vantorre en Pieter Vantorre die op zaterdagmiddag en zondagvoormiddag les gaven, onderpastoor Delacroix en (met bolhoed) meester Camiel Devliegher. (Uit Heden en verleden, Heyst, 300 jaar geschiedenis van de visserij en het toerisme.)

De O.88 John in thuishaven Oostende. Het vaartuig (bouwjaar 1918, stoom, 60 pk) werd uitgereed door de Pêcheries à Vapeur. (Uit 75 jaar onderzoeksraad voor de zeevaart, 2002.)

maandag 3 juli 2017

De Rode vloot

Maandelijks werpen we een blik in het fotoarchief van Het Visserijblad. Daaruit plukken we telkens lukraak tien foto's. Eerder kreeg u al Historische beelden van Oostendse visserijscheepswerven te zien en historische beelden van de Oostendse visserij. Ook hebben we onze blik naar de oostkust gericht. Vorige maand gingen we verder met beelden van de vissersfamilies die tijdens WO II op de vlucht gingen en in Engeland een onderkomen vonden. Alle foto's verschenen eerder in Het Visserijblad. Nu publiceren we tien foto’s die iets met ‘de rode vloot’ te maken hebben, een indrukwekkende Oostendse rederij, waarover we hier in ‘Leven en werk van kapitein Arseen Blondé’ al geschreven hebben.