maandag 2 september 2019

Historische foto’s van de Vlaamse visserij (XVI)

Net zoals ik dat elke maand doe, tast ik ook nu weer met mijn onschuldige hand in het fotoarchief van Het Visserijblad. Ik haal er willekeurig 10 foto’s uit, en dit is de oogst van deze maand.


1.  De O.298 Van Dyck werd in 1950 voor de NV Motorvisserij (familie Decrop) gebouwd. Het was het laatste stoomschip dat in ons land actief was. In 1964 verliet het Oostende om er nooit meer terug te keren. De periode van de stoomschepen ter visserij was definitief voorbij.

2. Nauw verbonden met de visserij: de werkhuizen Perfecta in Zeebrugge.

3. Op 23 oktober 1956 werd op de Britse werf Cook, Welton & Gemmell ltd de O.299 Breughel te water telaten. Opdrachtgever: NV Motorvisserij uit Oostende.

4. De O.533 Virtus werd gebouwd in 1965. In 2005 was het einde loopbaan. De laatste visser die het uitreedde was de Oostendse schipper Fernand Verleene (†). Hij hield ermee op en kreeg van de overheid een slooppremie toegekend. Zover kwam het in 2005 niet. Het werd een blikvanger voor de toeristische industrie aan de oude Zeebrugse vissershaven.


5. Alle vissersvaartuigen van de NV Motorvisserij droegen namen van kunstschilders. Links het stoomschip Van Eyck, rechts de Van Orley. Beide schepen verlieten de werf in 1951. 

6. In veel kustgemeenten vind je ook vandaag nog huizen die getuigen van de welvaart die de visserij met zich meegebracht heeft. Sommige van die huizen zijn inmiddels een beschermd monument geworden. Dat is het geval voor Villa Julia op de Graaf de Smet de Naeyerlaan in Oostende. Het basrelief in de gevel toont een visser met schip. Naar alle waarschijnlijkheid heeft de visser trekken van de bouwheer August Vileyn, een van de talrijke Pannenaars die zich in Oostende kwamen vestigen. (foto gw†)

7. In 1947 chartert de NV Motorvisserij drie vaartuigen van de Belgische staat. Het stoomschip O.301 James Ensor is er een van.

8. Op 22 april 1918 wordt tussen de Duitsers en de Britten een verschrikkelijk zeegevecht geleverd, met als inzet: de havenmond van Zeebrugge. Van daaruit vertrekken immers U-boten die op zee dood en verderf zaaien. De Britten proberen oude schepen in de vaargeul tot zinken te brengen, en die zodoende onbruikbaar te maken. De luchtfoto toont het resultaat. 

9. Baders in Oostende, omstreeks 1920. Op de achtergrond het oud-kursaal.

10. ’t Is iets wat wel meer gebeurd. Tijdens het vissen wordt niet alleen maar vis bovengehaald. In augustus 2005 haalde de O.82 Nautilus van Rudy Barbaix een oud-stokanker van 2 ton boven. Het werd op de kaai gelegd, naast een ander exemplaar (2.800 kg) dat hetzelfde schip eerder al had meegebracht. Op de foto: Rudy Barbaix, schipper Andy Loyen, matroos Kenneth Brackx en scheepsjongen Orry Blontrock. (foto gw†)

Wie nu nog twee minuten tijd heeft 
moet zeker eens luisteren naar 
De plechtigheid, 
een verhaal dat zich in Oostende afspeelt, 
op een Dag der Zeelieden. 
Zowel vissers als marinesoldaten zijn 
ervoor aan de wal gebleven. 
De feestelijkheden gaan, omwille van het barre weer, 
niet door. 
De gevolgen zijn ernaar, luister maar: 

donderdag 1 augustus 2019

Historische foto's van de Vlaamse visserij (XV)


1. Strandvissers aan ’t werk (jaartal foto onbekend)

2. In 1947 werd in Oostende de bouw van een nieuwe vismijn aangevat. De inhuldiging greep plaats op 22 juli 1951. Het gebouw wordt nu afgebroken en is inmiddels bijna volledig met de grond gelijk gemaakt.

3. 1957 — De O.185 is afgewerkt. De visserijscheepswerf van August Loy heeft de taak tot een goed einde gebracht. Van links naar rechts. Vooraan geknield: Alfons Lowyck, André Muyle, Pierre Vanden Abelle en René Lauvereins. Tussen de twee vrouwen in staat Michel Verlinde. Achteraan Charqles Massenhove, Louis Pinket, Maurits Erebout. De man met de hoed, de matroos en de dames zijn ons onbekend. 

4. 1949 — Praktijkles in de Stedelijke Visserijschool John Bauwens. Op de eerste rij: André Rondelez, Fernand Vandecasteele, Lucien Desmit, drie onbekenden en Emile Caullet. Achteraan: Noël Tanghe, Roger Vanderwal, Marcel Maes, André Droogenbroodt ? en André Fonteyne.

5. Van links naar rechts: Gilbert Savels, Etienne Beulens en René Vantorre.

6. Van links naar rechts: René Vantorre, Eugeen Vlietinck en Eienne Beulens.

7. Achteraan ligt de Z.504 Golfbreker. Schipper was Victor Klodde, motorist Henri Cogghe, matrozen Roger Bollevoet Bogaert, Jacky De Cock en Etienne Beulens.

8. Een trouw aan boord van een vissersvaartuig. Matroos Kevin Degroote deed het in 2005 met Gwenny Vlaeminck, aan boord van de Z.526 Vaya con Dios. Voor de plechtigheid deed het paar beroep op Rent A Priest. Het was de getrouwde priester Norbert Bethune die het huwelijk inzegende.

9. Op 29 april 2005 zinkt de Z.28 Annie B. in de Oosterschelde, jttna een avaring met een pijlerdam van de stormvloedkering.. De drie opvarende kunnen gered worden. De schade aan het schip is dermate groot dat het als verloren beschouwd wordt.

10. In 1961 wordt in Oostende de touwfabriek van de familie Decrop geopend. De onderneming zou honderden Oostendenaars tewerkstellen. 
Wie nu nog twee minuten 
(eigenlijk 2 min, 7 sec) 
tijd over heeft, 
moet zeker 
eens luisteren naar 
Ensor en zijn bende in Oostende, 
een spetterend poëem. 

dinsdag 2 juli 2019

Historische foto's van de Vlaamse visserij (XIV)


Zoals we dat elke maand doen plaatsen we ook nu weer een reeks willekeurig gekozen foto’s uit Het Visserijblad. Wie meer over (een van) deze tien foto’s wil weten moet de jaargang 1988 van het tijdschrift eens uitpluizen, want daarin staat er meer over. Dat kan je doen in de Openbare Bibliotheek in Oostende of in het VLIZ.


1. Toen we deze foto van de Tac Horn in 1988 in Het Visserijblad (HVB) plaatsen, was het schip eigendom van Eric Dobbels uit Zeebrugge. Het in 1931 gebouwde schip was toen ook de oudste vissersschuit van de Zeebrugse vloot. Naast Dobbels waren toen ook nog Jacky Van Torre en Jan Baes aan boord.


2. De O.23 Geoffrey William was in 1988 het oudste vissersvaartuig van de vloot. Het schip werd gebouwd in 1930. Eigenaar was in 1988 de Oostendse schipper François Devey.

3. De N.590 Horizon was van hout en het schip had als thuishaven Nieuwpoort. Het werd in 1988 gevoerd door Gilbert Desaever.

4. We schrijven 14 juli 1952. We zien schipper 1ste klas Michael Vandekerckhove (helemaal rechts) aan boord van de Zeehond, samen met zijn crew, van links naar rechts: Demoor, Cotteriau, Mechelaere, Vanneuville, Dermul, Vermote, Van Baa, schepens, onbekend en Callebout.

5. Een typische Oostendse viswagen, getrokken door paard. De viswagens werden gebruikt om de vangst in bennen te vervoeren van de kaai naar de ‘cierk’, de cirkelvormige vismijn die in de stad gelegen was, daar waar nu de autobussen halt houden. Ze werden gebouwd bij Ouvry. De laatste in gebruik dateren van 1953.

6. De B.5 Drakkar mag dan wel de B van Blankenberge dragen, de thuishaven was Zeebrugge. In 1988 werd het schip gevoerd door Peter Thysebaert, voor rekening van de firma Louis Crevits & zonen.

7. De O.32 Roland is een houten vartuig dat in 1935 gebouwd wordt op de werf van Crabeels in Oostende. Het werd in 1970 gekocht door Arthur Lauwereins die het naar zijn zoon Roland noemde.

8. In 1988 zijn we getuige van de spectaculaire zijdelingse tewaterlating van de Z.596 De Zwerver van de op de Oostendse Baelskaai wonende reder Casier.

9. De Z.201 werd in 1944 gebouwd op de Oostendse werf van August Loy. Het kwam in 1951 in handen van Leon Desmidt uit Heist. Die liet het in 1962 over aan zijn zoon André. Het houten vaartuig was in 1988 aan zijn derde generatie Desmidt toe. In dat jaar was het al kleinzoon Leon die het schip voerde.

10 De Oostendse visser Henri Lycke kijkt in de vroege jaren zestig uit het raampje van de O.214 Roger Blondé.